Tweewielers

Corner FEDERVELO: Kwaliteitsbewaking is onze kerntaak

Op een moment dat de toegang tot de fietsenmarkt geliberaliseerd is, wordt het bieden van een kwalitatieve dienstverlening de manier om het verschil te maken. Om hier duidelijk over te communiceren, werd het label VELO-PRO gecreëerd. Een gesprek over professionalisme en transparantie in een altijd boeiende sector. 

“Het kan nuttig zijn te benadrukken wat TRAXIO VELO als sectororganisatie net niet doet”, onderstreept secretaris Guy Crab. “Wij regelen niet de toegang tot het beroep van fietsenhandelaar, dat mogen we trouwens ook niet doen. Regels die op Europees niveau bedacht werden bepalen dit, en sinds 1 januari van dit jaar is een nieuwe stap in de liberalisering gezet. Onze bekommernis, en wij, dat zijn de professionele spelers in de fietssector, is dat een duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen het kaf en koren. Hiervoor ontwikkelden we een kwaliteitslabel, VELO-PRO genaamd. Het is een aanpak en werkwijze die ons als TRAXIO niet vreemd is. Ook voor de verkoop van onder meer tweedehandsvoertuigen of pechverhelpers werd in het verleden een soortgelijk TRAXIO Certified label ontwikkeld.” 

Wie het VELO-PRO label wil behalen moet aan tal van eisen voldoen. “De lat wordt hoog gelegd, daar zijn we ons van bewust”, stelt Guy Crab. “Het zijn trouwens niet wij die de doorlichting uitvoeren, hiervoor is een externe auditor aangesteld, Vinçotte. Er wordt naar tal van aspecten gekeken: kwaliteit van dienstverlening, duurzaamheid, goed opgeleid personeel, technische infrastructuur die voorhanden is, tot de aanwezigheid van wifi voor de wachtende klant. Op al deze punten wordt een score gegeven. En in functie van het behaalde resultaat mag de handelaar met het VELO-PRO logo uitpakken... of niet.”

Obligaat objectiveren 

“De idee is niet nieuw, maar daarom niet minder interessant”, meent Kristiaan De Belder, voorzitter van de vzw Federvelo, de groepering van invoerders en fabrikanten, “Koop een goede fiets bij de vakhandel, in wezen is dat de achterliggende gedachte. En die vakhandel, dat is iemand die de verkoop van degelijk materiaal met een grote technische knowhow combineert. Het toekennen van een label is ergens een evidente manier om te communiceren naar de consument toe, alleen: wie heeft er recht op? En dus moet je de dingen objectiveren, je kan niet anders. Daarmee valt of staat de waarde van je label. De standaarden zijn hoog. In die mate dat het zelfs voor de betere speler op de markt een hele opgave wordt om aan de criteria te voldoen.” 

“Dit objectiveren waar Kristiaan het over heeft, is ook een manier om heel wat kwakkels de wereld uit te helpen”, pikt Eddy Van den Berghe in. “Over de fietsenmarkt worden heel wat dingen verteld. En te vaak wordt een loopje met de werkelijkheid genomen. Werk je met een label, dan weet je als consument waar deze of gene fietsenhandel wel en vooral ook niet voor staat.” 

Automotive bis?

Het belang van de kwaliteit loopt als een rode draad door VELO-PRO, maar laten we 'de markt' ook even vanuit een meer globaal perspectief bekijken. Kan op het vlak van consolidatie een parallel getrokken worden met wat zich al enkele jaren in de automotive afspeelt? “Ik denk dat we op dit vlak toch de nodige voorzichtigheid aan de dag moeten leggen hoor”, meent Jogi Sienaert. “Wekelijks zie ik heel wat mensen over de vloer komen die voor eigen rekening beginnen. Doorgaans zonder medewerkers, maar wel correct in orde met btw-nummer. Dat je in sommige gevallen consolidatiebewegingen ontwaart, betekent niet dat er geen ruimte meer zou overblijven voor kleinere spelers. Integendeel. De relatie fietsenhandel-invoerder is ook helemaal anders dan de positie van de concessies in de automotive. Waar de vele verplichtingen voor deze laatste vaak als een molensteen aanvoelt, zijn fietsenhandelaars vaak vragende partij om een of andere formule uit te werken.” 

“Vergeet ook niet dat een fiets een assemblageproduct is, een auto is dat niet”, stelt Eddy Van den Berghe. “De toegang tot wisselstukken is ook moeilijker – alle regels ten spijt.” 

“Vele grote spelers begonnen ooit klein, ook dat is eigen aan onze sector”, benadrukt Kristiaan De Belder. “Vele beginnen klein, sommigen groeien, anderen doen dat dit niet; het is van alle tijden. Wat wel evolueerde is de complexiteit van een fiets. De tijd dat je er kwam met wat te sleutelen is al lang voorbij. Precies daarom is het belang van een kwaliteitslabel zo groot.” 

“Waarom kijken we niet eens over de grens naar Nederland”, vult Eddy Van den Berghe aan. “Daar tref je ettelijke kleine spelers aan, meer nog: hun aantal stijgt.” 

“De specificiteit van het product is een erg belangrijke factor”, repliceert Kristiaan De Belder. “Grotere spelers denken dat ze relatief makkelijk geld kunnen verdienen aan de fietsensector, maar bijten er hun tanden op stuk. De markt zit immers anders ineen dan wat ze gewoon zijn.” 

Succesvolle elektrische fietsen 

Een vrijgemaakte markt, een makkelijkere toegang, maar tegelijkertijd een technisch gegeven dat ingewikkelder wordt – de ingrediënten zijn gekend. En in dit verhaal lijkt de elektrische fiets een wel erg belangrijke plek in te nemen. “Op enkele jaren tijd is deze categorie uitgegroeid tot zowat de helft van alle verkochte fietsen in ons land”, beklemtoont Christophe Van Riel. “Bekijken we het in termen van omzet, dan komen we zelfs op 60 % uit. En wat meer is: de verkoop blijft in de lift zitten.” 

“Dat ook de leeftijd van de gebruiker verjongt, is een cruciaal gegeven”, zegt Louis Vanhove. “Er is een publiek gegroeid dat de elektrische fiets bekijkt als een alternatief voor het woon-werkverkeer. We leven ook in een klimaat waarin het trendy is om te fietsen, een ontwikkeling die we enkel kunnen toejuichen (lacht).” “Misschien wordt met dit laatste de verkeerde indruk gewekt dat de spelers slapend rijk worden, maar waar we vroeger als sector ook een heuse PR-taak hadden voor de fiets als dusdanig, heeft de overheid in belangrijke mate deze taak overgenomen.”

“Wij kiezen bewust voor binnenlandse productie” 

“Het klopt dat de productie van fietsen in eigen land fors afgenomen is, toch behouden wij heel bewust deze activiteit binnen de landsgrenzen”, legt Eddy Van den Berghe uit. “Een lagere kostprijs is de gekende motivator, het is eigen aan vele sectoren. Maar er is ook het kenmerkende van de Belgische markt. Je zit er kort op en een snelle levering is soms nodig, wat geen sinecure is met een buitenlandse productie. Je moet ook langer op voorhand plannen, iemand ter plekke hebben, ook daar hangt een kostenplaatje aan vast. Onze markt is er ook een van vele verschillende modellen, terwijl het outsourcen van je productie net interessant wordt als je vele exemplaren van één model kan maken. De total cost of ownership kent verschillende componenten die afgewogen moeten worden. En voor ons is de slotsom duidelijk.”

"VELO-PASS maakt historiek fiets transparant"

“Het systeem van VELO-PASS dat we uitgewerkt hebben past helemaal in die drang een kwalitatieve dienstverlening aan te bieden”, legt Guy Crab uit. “Ruw samengevat spreken we over een QR-code die op de fiets aangebracht wordt. Door deze te lezen – een app hiervoor is gratis te verkrijgen – krijg je alle info over de historiek, onderhoud, garantie, enz. De klant weet m.a.w. welk product hij koopt. Gebruikmaken van VELO-PASS is trouwens een onderdeel van VELO-PRO, anders gezegd: om het kwaliteitslabel te halen én te behouden, moet met de VELO-PASS gewerkt worden. Het potentieel van het systeem is groot, maar kan slechts succesvol zijn als je voldoende kopers meekrijgt die het gebruik ervan eisen. De voorbije maanden werd hier fors in geïnvesteerd, met als resultaat dat we vandaag het engagement hebben van universiteiten, steden en gemeenten, de leasing- en verzekeringssector, politiezones en andere overheden.