Actualiteit Mobiliteit Tweewielers Automaterialen en gereedschappen Burgerlijke bouwkunde en lift-trucks Land- en tuinbouwmaterieel

Mondmaskerplicht

14/08/2020

Mondmaskers hebben al veel stof doen opwaaien en zijn dagelijkse kost in de media.  Na de provincie Antwerpen geldt er nu ook een mondmaskerplicht in het ganse Brussels Hoofdstedelijk Gewest op alle openbare plaatsen en voor het publiek toegankelijke private plaatsen. Klik hier voor meer informatie. 

Ook in onze sector (metaal en mobiliteit, distributie, herstel en onderhoud) moeten mondmaskers gedragen worden.   

Het niet (doen) naleven van de mondmaskerplicht kan u een fikse boete opleveren.

Wij frissen even uw kennis op. 

De klant moet een mondmasker dragen in de winkel …

De klant moet een mondmasker dragen in de winkel (zowel tijdens de openingsuren als op afspraak). Volgens het Crisiscentrum slaat een winkel op alle vestigingen die toegankelijk zijn voor het publiek en die zich bezighouden met kleinhandel en/of dienstverlening. In zijn lijst met voorbeelden neemt hij ook ‘garages’ op. De wachtzaal maakt bv. deel uit van de vestiging en is publiek toegankelijk en dus geldt ook daar de mondmaskerplicht. En als een deel van de winkel zich in openlucht bevindt, moet de klant ook daar een mondmasker dragen.

Opgelet !

De handelaar en/of zijn werknemers moeten ook een mondmasker dragen in de winkel, zelfs achter plexiglas. Faceshields zijn enkel toegelaten indien de persoon om medische redenen geen mondmasker kan dragen.  Een mouthshield (niet volledig op het gelaat aansluitend transparant kapje voor de neus en mond) is geen alternatief omdat mond/neus onvoldoende  afgedekt, noch afgeschermd zijn.  

… en de eigenaar moet de klant hierop wijzen

De eigenaar van de winkel moet 'adequate maatregelen' nemen om de social distancing en de mondmaskerplicht te laten naleven (FAQ Crisiscentrum). 

Het valt dan ook aan te bevelen om de mondmaskerplicht voldoende visibel en op ooghoogte te afficheren vóór de klant binnenkomt en de boodschap eveneens te herhalen in de winkel.

Een klant die weigert om een mondmasker te dragen moet de toegang ontzegd worden of verzocht worden om de winkel te verlaten. Indien de klant halstarrig blijft weigeren, kan enkel de politie ingeschakeld worden. De eigenaar/uitbater die deze methodiek heeft gevolgd, kan geen boete krijgen.

… tenzij er uitzonderingen gelden

De mondmaskerplicht geldt niet voor kinderen jonger dan 12 jaar en voor personen die over een medisch attest beschikt dat het dragen ervan verhindert. Deze laatste groep moet dan wel een faceshield dragen.

In een niet publiek toegankelijk deel dat volledig gescheiden is van het publiek toegankelijke deel geldt de mondmaskerplicht niet indien dit niet in strijd is met de generieke en sectorale gids (zie hieronder). Een atelier is zo’n voorbeeld (dikwijls niet publiek toegankelijk en afgescheiden). Maar volgens de generieke gids moeten regels gelden voor externen om de werknemers te beschermen tegen COVID-19. Concreet moet de social distancing gegarandeerd kunnen worden en indien dit niet mogelijk is moeten er schermen geplaatst worden. Het is echter mogelijk dat zowel social distancing als schermen geen optie zijn als externen de werkplaats betreden en dat er dus toch mondmaskers moeten opgezet worden. 

Wat moet u doen ?

De generieke en sectorale gids leggen uit hoe de ondernemingen hun activiteiten moe(s)ten organiseren (in het kader van de heropstart). De ondernemingen moe(s)ten deze maatregelen concreet en gepersonaliseerd toepassen. Het was (of is) daarbij aangewezen om uw risicoanalyse (dit is een wettelijke verplichting en de basis van uw dynamisch risicobeheersingssysteem) aan te passen. Klik hier voor meer informatie. Ook de regels jegens klanten staan op deze pagina. 

Wat riskeert u als u het niet doet ?

Omzendbrief nr. 06/2020 bevat de aanpak van de handhaving. Klik hier voor meer informatie.

Handhaving verplichtingen handelszaken

De meeste inbreuken op de maatregelen tegen het coronavirus COVID-19 kunnen gesanctioneerd worden met een gevangenisstraf van acht dagen tot drie maanden en/of een geldboete van 208 tot 4.000 euro (inclusief opdeciemen ; art. 187 wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid).

Omdat de toepassing van deze sanctie zou leiden tot een onhaalbare workload bij de politie en de parketten van de Procureur des Konings, heeft het College van procureurs-generaal de handhaving via een omzendbrief (nr. 06/2020) op een meer praktische manier ingevuld.

De politie (met de bevoegheid om de identiteit te controleren, te verhoren en te arresteren) zal steeds een proces-verbaal opstellen, tenzij er duidelijk sprake is van goede trouw bij de betrokken personen die dan enkel een waarschuwing zal ontvangen. Een proces-verbaal gaat steeds gepaard met het voorstellen van een minnelijke schikking van:

  • 750 euro voor handelaars, uitbaters van een handelszaak en organisatoren van een activiteit (desgevallend te verhogen met vermogensvoordelen die ten gevolge van de niet-naleving verkregen zouden zijn);
  • 250 euro voor alle andere overtreders.

Bij niet betaling of recidive wordt de overtreder rechtstreeks gedagvaard voor de correctionele rechtbank.

Ernstige inbreuken zullen echter in eerste instantie strafrechtelijk beteugeld worden.

Daarnaast is het mogelijk dat er nog andere inbreuken volgens het Strafwetboek worden vastgesteld zoals art. 328, 328bis, 454 en 563, 3° Sw.

Gemeenten/steden kunnen handhaven op een andere dan de bovenstaande juridische basis en een administratieve sanctie opleggen van 250 euro.

Handhaving verplichtingen werkgever

De Arbeidsinspectie zal zijn vaststellingen doen als gevolg van:

De werkgever (of zijn aangestelde) die de bepalingen van de Welzijnswet niet naleeft riskeert een strafrechtelijke geldboete van 800 tot 8.000 euro of een administratieve geldboete van 400 tot 4.000 euro (niveau 3)[1].

Wanneer een werknemer gezondheidsschade heeft riskeert de werkgever een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar en een strafrechtelijke boete van 4.800 tot 48.000 euro of een administratieve geldboete van 2.400 tot 24.000 euro (niveau 4)[2]. Ook kan de rechtspersoon aansprakelijk gesteld worden (maximumbedrag: 576.000 euro). De Algemene Directie Toezicht Welzijn op het Werk is hiervoor bevoegd.

De inspectie Toezicht op het welzijn kan in het geval de gezondheid of veiligheid van werknemers in het gedrang komt hen onder meer de toegang tot de arbeidsplaats verbieden, de stopzetting van een activiteit opleggen of een arbeidsplaats verzegelen[3]. Daarbij moet geen sprake zijn van herhaling.

Bij een eerste inbreuk door een onderneming zal een minnelijke schikking van 1.500 euro worden voorgesteld. Bij recidive wordt de zaak bij voorrang gedagvaard voor de correctionele rechtbank.

 

[1] Art. 127 tot en met 132 Soc.Sw.

[2] Art. 127 tot en met 132 Soc.Sw.

[3] Art. 23 tot en met 49 Soc.Sw.

 

Foto: Mylene2401 - Pixabay