Mobiliteit

CAR Avenue: Van kleine garage tot reus

In enkele jaren tijd is CAR Avenue een zwaargewicht geworden in de Europese autohandel met een omzet van meer dan één miljard euro. We ontmoeten Benjamin Bauquin, de jonge CEO Belux van deze groep in volle expansie.

De wortels van CAR Avenue gaan terug tot ongeveer een eeuw geleden, toen André Bailly zich in het autoavontuur smeet, voordat hij zijn eerste Peugeot-concessie opende in 1936 in Metz. Een garage die hij zou nalaten aan zijn kinderen, die de familieconcessie ombouwden tot een groep met 12 ateliers, allemaal gewijd aan het Franse merk. Het is maar vanaf 2006, onder leiding van Stéphane Bailly, dat de groep met zijn echte expansie begon door zich open te stellen voor andere constructeurs.

“Vandaag beschikken we over 72 concessies in de regio Grand Est in Frankrijk, in Luxemburg en in Wallonië. Een netwerk dat uiteindelijk vrij dicht is omdat al onze vestigingen op minder dan 2,5 uur van onze maatschappelijke zetel liggen”, specifieert Benjamin Bauquin. Een ruimtelijke ordening die knap verdeeld werd tussen de verschillende merken om te vermijden dat ze elkaar kannibaliseren: “Wij verkopen Audi, BMW en Mercedes in zeer verschillende gebieden, om zeker te zijn dat de verschillende merken die we aanbieden elkaar aanvullen.” De groep telt in zijn portefeuille concessies van de drie Duitse constructeurs, maar ook van Peugeot, Citroën, DS, Nissan, Infiniti, Toyota, Hyundai, Kia, Seat, Skoda, Mini, Volkswagen, Honda en Porsche.

Synergieën en onafhankelijkheid

Deze merken worden in verschillende groepen ingedeeld en blijven zo volledig gescheiden van elkaar. “Wij werken met zeer gestructureerde en zelfstandige teams die de identiteit van elk merk behouden”, verduidelijkt de CEO. “Wij hebben een sterke holding met gezamenlijke teams voor alles wat ondersteunende functies betreft, zoals informatica, financiën, human resources enz. Maar er is een echte commerciële wedijver tussen onze verschillende groepen en merken. Iedereen beschikt bijvoorbeeld over zijn eigen klantenbestanden.” Een methode waar de constructeurs volledig tevreden over zijn want vandaag willen zij sterke partners, die in staat zijn om te investeren in techniek en technologie, maar ook in mensen want de beroepen zijn fel veranderd.

Uitdagingen, maar een veilige toekomst

Is deze concentratie van de concessies en het ontstaan van grote groepen dan onvermijdelijk in de toekomst? Voor Benjamin Bauquin is het antwoord duidelijk: de markt is in verandering door de komst van elektrische voertuigen, multimodaliteit, autodelen enz. Wij moeten dus nieuwe diensten creëren om ons te onderscheiden en om de mensen tot bij onze merkverdelers te blijven lokken.” De CEO gelooft echter niet dat de concessies gaan verdwijnen, zoals sommige merken al denken dat de concessies vervangen kunnen worden door een doorgedreven virtualisatie of door pop-upstores. “We zijn ervan overtuigd dat de digitalisering de toekomst is. Een auto kopen blijft echter een plezierige en belangrijke aankoop voor de klanten. Op een moment blijft het verplicht om fysiek langs te gaan in een concessie. De mensen willen de auto zien voordat ze hem kopen. De concessies gaan dus een mooie toekomst tegemoet, zelfs als ze anders zullen zijn dan de concessies die we tot nu toe gekend hebben. De showroom zal nog meer een forum zijn en er zullen misschien minder wagens tentoongesteld worden. Maar het langsgaan zal onmisbaar blijven. Niets zal het menselijke contact vervangen.”

Moeilijk rekruteren

Als de showrooms aangepast moeten worden aan de nieuwe wensen van de klanten, zouden de veranderingen in de ateliers ook niet mogen ontbreken. En ook voor deze laatsten toont Benjamin Bauquin hetzelfde optimisme: “Vandaag veroorzaakt de elektrische wagen een deel van de onrust in de sector. Maar in elk geval zal er altijd een dienst naverkoop nodig zijn. We zullen ongetwijfeld minder olie en dergelijke verkopen. Dat is een feit. Maar we moeten niet vergeten dat de overgang geleidelijk zal verlopen en dat de elektrische wagen altijd maar een deel van het wagenpark zal uitmaken.” De beroepen in het atelier zijn de beroepen die het meest geëvolueerd zijn in de laatste jaren.

“Het elektrische heeft een grote omvang aangenomen. Gedaan met het imago van de mekanieker die zijn handen in het vuile smeer steekt. Voortaan zijn de gezochte profielen meer en meer geëvolueerd.” En het is niet simpel om te rekruteren: “Wij zoeken voortdurend mecaniciens en carrossiers. Er zijn veel openstaande functies en weinig kandidaten. De autoberoepen hebben een slechte reputatie, bijgevolg moeten we lang op voorhand rekruteren, vanaf de school, om de alternerend lerenden op te leiden, te integreren en aan ons te binden. Wij hebben er continu 150!”

Voortdurende ontwikkeling

Hoewel Benjamin Bauquin verkondigt dat CAR Avenue “geen wedstrijd houdt om de grootste te zijn”, houdt het hier niet op voor het bedrijf. “Wij hebben onze website net grondig herzien om al onze occasies te groeperen en voor iedereen beschikbaar te maken, ongeacht hun oorspronkelijke regio.” Het merk gaat ook zijn activiteiten diversifiëren naar supercars, oldtimers en youngtimers, via een nieuwe tak CAR Avenue Legend, door aan- en verkoop en een restauratiedienst aan te bieden. In elk geval verzekert de CEO: “Wij zullen ons altijd ontwikkelen in overeenstemming met onze strategie en onze waarden.

In het kort

Oprichting: 1920 (Groupe Bailly), 2014 (CAR Avenue)

Sector/Activiteit: autobedrijf

Adres van de zetel: rue de l’Alzette 10A, 3396 Roeser - Luxemburg

Aantal vestigingen: 72 (België, Frankrijk, Luxemburg)

Personeelsbestand: 1.850

Omzet: > 1,2 miljard euro

 

Foto: Benjamin Brolet