Tweewielers Burgerlijke bouwkunde en lift-trucks Land- en tuinbouwmaterieel Automaterialen en gereedschappen Mobiliteit

Interview Didier Perwez & Carl Veys

11/01/2019

Een tijdje geleden werd Didier Perwez tot Voorzitter van TRAXIO verkozen. Geen onbekende in de organisatie, maar vooral ook een man met een visie. Meer professionaliseren, alle sectoren betrekken, maar vooral de rangen sluiten. Zijn 'state of the union' in ons magazine.    

 “De voorbije maanden heb ik veel geluisterd”, benadrukt Didier Perwez. “Mijn naam als opvolger van Carl circuleerde natuurlijk al enkele maanden. Maar voor mij was het essentieel dat ik goed wist waar ik aan begon. Op zich draai ik al een tijdje bij FAM mee, maar het hele TRAXIO-verhaal is toch wel ruimer. Nu zie ik het als een ankerpunt van mijn voorzitterschap dat alle federaties erg nauw betrokken worden bij de uitgestippelde lijn. Ongeacht hun omvang.” 

Onderlinge diplomatie 

“Meer nog dan in het verleden het geval was, moeten we wat misschien wel de zwakte van onze vereniging is tot een sterkte kunnen ombuigen”, legt Didier Perwez wat raadselachtig uit. “We vertegenwoordigen 14 federaties, verschillende beroepen ook. Wat voor de ene van belang is, staat misschien wel mijlenver verwijderd van de bekommernissen van de andere. Meer nog: misschien is die zelfs helemaal niet gediend met wat voor de ene bepleit wordt. Dit kan met een eenvoudig voorbeeld geïllustreerd worden. Car-Pass is van groot belang voor wie in de sector van de tweedehandswagens bedrijvig is. Maar een bandenspecialist zal dit vooral als een administratieve last beschouwen. Per slot van rekening kruipt er wat tijd in het invullen ervan; in verhouding met de snelheid waarmee banden gewisseld worden zelfs heel wat tijd (glimlacht). Maar wij vertegenwoordigen beide sectoren en dus hun beider belangen. Iedereen op één lijn krijgen vergt soms de nodige diplomatie. In het aangehaalde voorbeeld betekent dit dat we die bandenspecialist moeten uitleggen wat het belang van Car-Pass is, ook al zit er voor hem geen directe meerwaarde aan vast. Maar het is ontzettend belangrijk iedereen op één lijn te krijgen. Dankzij deze inspanningen slagen wij erin met één stem te spreken en als één blok naar buiten te treden. Onze medewerker Pieter Van Bastelaere is de man die instaat voor de relaties met overheden en politiek. Welnu, dat doen we aan de hand van één enkel Memorandum waar onze eisen en bekommernissen in vervat zijn. Dit wijst op een duidelijke eenheid binnen TRAXIO. Het komt ook onze geloofwaardigheid bij het doelpubliek ten goede.” 

Kennis afstralen 

“Professionaliseren mag geen loos begrip zijn voor onze leden”, stelt Voorzitter Perwez. “En precies daarom wil ik sterk inzetten op de relaties tussen onze medewerkers en het terrein. Ik maakte er melding van tijdens mijn eerste toespraak als Voorzitter: we hebben binnen ons personeelsbestand stuk voor stuk erg bekwame profielen. Weet u, ik ben van de generatie van Steve Jobs die het ooit had over het aanwerven van “smart people” die ons gaan vertellen wat wij moeten doen. Niet andersom, dan kan je beter met andere profielen in zee gaan. Deze expertise die we hebben moet beter naar de leden kunnen doorstromen. Dat de algemene secretarissen van de federaties op de loonlijst van TRAXIO staan is een erg goede zaak. Op die manier kunnen we rechtstreeks toezien op deze doorstroming. Een direct gevolg van dit professionalisme is ook het belang van kwaliteitslabels. We hebben er al enkele, maar er komen er nog bij. En vooral: dit zijn TRAXIO-labels. Wij treden als één organisatie naar buiten.” 

Meedenken als uitdaging 

Zijn er bepaalde dossiers die hem nauw aan het hart liggen? “Ik zou het liever over uitdagingen hebben”, antwoordt hij. “Op dit moment bestaat er een grote onzekerheid over de toekomst van de automotive. Men spreekt veel over elektriciteit, hybride en andere alternatieven. Toch lijkt niemand echt te weten in welke richting het allemaal evolueert. Precies die onzekerheid maakt een partner als wij zo cruciaal. Informeren, begeleiden en ondersteunen; daar ligt de nood van de sector. Het is ook ontzettend belangrijk dat wij de federatie zijn die toekomstgericht denkt. Onderwerpen als een betere luchtkwaliteit, de circulaire economie en dergelijke raakt de belangen van onze leden. Constructief meedenken hoe we deze kunnen laten gelden in de realiteit van morgen, daar draait het om. En vergeet niet dat wij – en vooral onze leden – de knowhow hiervoor hebben. Neem nu het voorbeeld van Lage Emissiezone; het is slechts één illustratie. De naam is verraderlijk, want dat zijn die zones helemaal niet. Als je betaalt, mag je immers toch binnen en uitstoten. Waarom het niet over een andere boeg gooien? De reiniging van het technisch deel van een motor heeft een vergaande repercussie op de uitstoot. Je kan hier veel betere resultaten mee bereiken dan met de huidige aanpak. Er kan met een label gewerkt worden. Of deze ingreep koppelen aan de keuring. Maar he einddoel moet wel zijn de uitstoot naar omlaag gaat, de hele uitstoot, zonder dat men zich op CO2 gaat blindstaren, terwijl men NOx bijvoorbeeld over het hoofd ziet.” 

“Alle federaties doorgronden is mijn eerste taak”

Didier Perwez is District Manager Benelux bij Federal Mogul, en daar verandert zijn voorzitterschap van TRAXIO niets aan. “Het wordt een hele uitdaging op organisatorisch vlak, daar ben ik me van bewust”, erkent hij. “Maar met goede ploegen, zowel hier als bij Federal Mogul, ben je al een heel eind op weg geholpen. Op zich vind ik de combinatie van beide functies essentieel. Het zorgt voor een permanente kruisbestuiving. Ik draai al een hele tijd mee binnen de TRAXIO en voorheen FEDERAUTO, met het voorzitterschap van FMA als laatste functie. De andere federaties doorgronden is mijn eerste missie, iets waar ik inmiddels duchtig mee bezig ben (lacht).

Nieuwe uitdagingen voor voorganger Carl Veys

Dat Carl Veys er na zes jaar voorzitterschap een punt achter zet, verhindert niet dat hij een vergaande betrokkenheid bij TRAXIO aan de dag blijft leggen. Geen erevoorzitterschap dan? “Nee, want dat zou impliceren dat ik met pensioen ga of op zijn minst mijn activiteiten binnen TRAXIO zou beëindigen (lacht)”, stelt hij. “Het is een beetje tot een traditie uitgegroeid dat een voorzitter aan zijn functie een tweede termijn koppelt. Maar dat is ook echt de limiet, voor jezelf, maar vooral ook voor de organisatie. Representatief zijn voor de sectoren die we vertegenwoordigen, betekent ook dat er een gezond verloop is aan de top. Enkel zo kan je de noodzakelijke interactie met wat leeft binnen de bedrijven garanderen. Net als nieuwe invalshoeken.” Toekomstgericht denken betekent ook dat men erkent dat uit het verleden lessen getrokken kunnen worden. Wat viel Carl Veys het meest op die voorbije jaren? “Dat de evoluties die we voor een groot deel wel konden verwachten en voorspellen zich beduidend sneller gemanifesteerd hebben dan we aanvankelijk dachten”, benadrukt hij. “Je ziet dat op tal van domeinen: consolidatie, digitalisering, gewijzigd consumentengedrag, noem maar op. Allen kwamen ze in een stroomversnelling terecht.” Maar dan de toekomst. Voortaan zal Carl Veys als woordvoerder van TRAXIO naar buiten treden; ongetwijfeld het meest zichtbare van zijn nieuw takenpakket. Maar er is meer. “Het leuke aan het woordvoerderschap is dat je niet enkel het gelaat van de organisatie wordt, maar ook de kennis in huis moet hebben om het hele verhaal ten gronde uit te dragen. Daarnaast ga ik alles wat met new mobility te maken heeft opvolgen. De ontwikkelingen op dat vlak zijn ongemeen boeiend, maar tegelijkertijd mogen we de bedreigingen niet uit het oog verliezen. Ik ga ook aan het hoofd van onze nv staan. Ons takenpakket is doorheen de jaren geëvolueerd. Het gaat hier om commerciële diensten die direct door de leden betaald worden en buiten het lidmaatschap vallen. Al deze zaken in één en dezelfde vzw-structuur onderbrengen is niet meer houdbaar. In eerste kozen we voor een nv, een commerciële vennootschapsvorm dus, die, voor alle duidelijkheid, gewoon naast de vzw zal blijven bestaan. Is dit de ideale rechtspersoon? De toekomst zal het uitwijzen en dit evalueren is ook iets waar ik de verantwoordelijkheid voor draag.”