Actualiteit Mobiliteit

PEB, Vlaams platform voor elektrische bedrijfswagens

De bedrijfswagen zal er in ons land voor zorgen dat we sneller zullen evolueren in de richting van de elektrische auto. Bedrijfsvloten zullen wellicht sneller overstappen naar een elektrisch wagenpark. Het is dan ook van belang dat we de eindverkopers van elektrische voertuigen het nodige marktinzicht geven en het procesbeheer en de begeleiding hierbij versterken.

De elektrische auto zal de komende jaren sterk aan belang winnen en bedrijven uit de automotive sector zullen moeten kijken welke rol ze hierbij kunnen spelen.

Het PEB-project, dat gesteund werd door de Vlaamse overheid, wilde hiervoor een aanzet zijn, en TRAXIO fungeerde graag als trekker.

In dit artikel bekijken we de resultaten en aanbevelingen in verband met de ‘vergroening’ van de bedrijfsvloten.

Vandaag

Vandaag rijden er in België ongeveer 10.000 elektrische auto’s rond, minder dan 1 % van het hele wagenpark. Het aanbod is dan ook nog niet zo groot: zo’n 20 elektrische modellen en 25 plug-ins, tegenover 500 modellen met een traditionele verbrandingsmotor.

De batterijcapaciteit is intussen geëvolueerd, van 150 naar 250 à 300 km ‘range’, het opladen gaat sneller naargelang het type auto en een laadsessie is het goedkoopst op het werk (15 eurocent per kWh), tegenover 25 cent/kWh thuis of 33 cent/kWh aan een publieke laadpaal.

Vier procent van de nieuwe inschrijvingen zijn plug-ins, vooral bij vennootschappen. Over vijf jaar zouden traditionele en elektrische auto’s evenveel moeten kosten.

De elektrische auto zal op termijn ook de ideale opslagplaats worden voor gewonnen zonne- of windenergie, bij mensen thuis of op wijkniveau. Een aspect dat beslist economische opportuniteiten biedt voor de automotive sector.

Bedrijven overtuigen

Er werd aanvankelijk een koplopersgroep opgericht met drie partijen: Carglass, Degroof Petercam en Induver. Die werd al snel uitgebreid met Solidariteit voor het Gezin en Groep IDEWE. De vijf koplopers zijn totaal verschillende bedrijven – met een andere rechtsvorm, ander btw-statuut, andere grootte en type vloot... – maar met de gezamenlijke ambitie om 25 % van hun volledige vloot te elektrificeren tegen 2020.

Door de website en communicatie via verschillende netwerken en federaties ontstond een heus Platform van fleet- en mobiliteitsmanagers, 42 in totaal, goed voor meer dan 30.000 bedrijfswagens. Hoofddoel was kennis en ervaring opdoen en delen en vooroordelen wegwerken.

Vandaag is de kennissprong gemaakt en kan iedereen aan de slag met een gelijk kennisniveau. Iedereen heeft een beter inzicht in de markt, de mogelijkheden en de voordelen van de elektrische auto voor zijn eigen vloot. Motto en slogan van het hele opzet? 25 % elektrisch in 2020!

De samenwerking met de Belgische Federatie voor Fleet- en Mobiliteitsmanagers is intussen uitgebreid naar partnerships met marktpartijen en vooral energiepartijen en laaddienstverleners willen meewerken aan het Platform.

Samen sterk

Omdat al gauw bleek dat er nog veel informatie ontbrak, werd er een marktbevraging georganiseerd bij 24 bedrijven. Doel was meer inzicht te krijgen in het aanbod van voertuigen en infrastructuur, de toekomstvisie en de werking van de markt. Alle antwoorden en resultaten werden gebundeld in een allesomvattend rapport.

In juni 2017 werd een samenwerking opgezet met het Cleaner Car Contract, een project van de Bond Beter Leefmilieu, met een gelijkaardige missie en aanvullende doelstellingen rond de elektrificatie en dus ‘vergroening’ van bedrijfsvloten. Samen kozen ze bewust voor een nauwe samenwerking onder de noemer ‘Platform Elektrische Bedrijfswagens’ (PEB).

E-car policy

Een van de eerste concrete realisaties van het Platform was het opstellen van een e-car policy, een inspiratiedocument met thema’s, onderwerpen en aandachtspunten die iedereen kan gebruiken. Het informatief document maakt deel uit van het grotere e-mobility draaiboek, een praktische en inspirerende houvast om managers te helpen bij hun overstap naar elektrische mobiliteit.

Daarnaast ontwikkelde het Platform ook een tool om de werknemers te overtuigen: de praktijktest. Werknemers kregen de kans om een week lang optimale rijtestervaring op te doen. Zowel constructeurs als laaddienstverleners boden hun diensten aan en voor en na de rijtests werden er bij de testrijders metingen gedaan, die op hun beurt teruggekoppeld werden naar alle betrokken partijen.

Online resultaten

Alle ervaringen (van koplopers, early adopters...) werden gebundeld via de website www.wijrijdenelektrisch.be. Er zijn onder meer getuigenissen te vinden van particulieren, bedrijven en taxiondernemingen.

Voor de campagne werd samengewerkt met EV Belgium en Bond Beter Leefmilieu, verantwoordelijk voor het e-taxiproject.

Conclusie

Van bij de start stelde het Platform een aantal voorwaarden om elektrische auto’s op te nemen in wagenparken. Zo moest de prijs van de elektrische bedrijfswagen budgetneutraal of gunstiger zijn dan de traditionele auto met verbrandingsmotor. Zowel aanbod als bereik moesten groot genoeg zijn, met voldoende publieke snelladers en de mogelijkheid voor stadsbewoners zonder oprit of garage om een laadpaal aan te vragen. Ten slotte moesten er ook kwalitatieve oplossingen komen en infrastructuur zijn voor het opladen thuis of op het werk, en voor de opvolging en verrekening ervan.